Als je kind andere (geloofs) keuzes maakt (Bert Reinds)

Als je kind andere (geloofs) keuzes maakt,
hoe blijf je dan toch verbonden?

‘Hoe blijven wij als ouders in verbinding met ons kind terwijl wij hem wel willen loslaten, de ruimte willen geven om zijn eigen leven inhoud te geven.’ Dat is de vraag die we gaan bespreken adhv drie pijlers.

1e pijler: Gezond opvoeddoel
Als een kind geboren wordt, zie je een klein mensje. Maar de unieke persoonlijkheid, de unieke talenten zijn nog “ingepakt”. Jij krijgt als opvoeder de grote uitdaging in verbinding met je kind hem of haar uit te pakken, waardoor jouw kind die man of die vrouw wordt zoals God hem/haar heeft bedacht. Je helpt je kind zichzelf te worden, zichzelf ‘uit te pakken’ = zelfstandig worden. Voor dat proces wil ik 4 aandachtspunten noemen:
a. Je daagt je kind uit om van binnen naar buiten te leven
b. Je geeft je kind ruimte om mee te kijken in het leven van jou als opvoeder
c. Je biedt je kind experimenteer- en ontdekkingsruimte aan en blijft in de buurt
d. Je blijft deelnemer ook als je kind ouder wordt.

2e pijler: Oprechte geloofsoverdracht
Jij wilt het geloof-overdragen. Een geweldige missie, waarin echtheid van jouw overtuiging en de inhoud van jouw overtuiging een belangrijke factor spelen, vooral ook voor het gesprek later.

* echtheid van je overtuiging
De overtuiging van de boodschapper is de geleider van de boodschap! Dat betekent: kinderen laten ervaren wat het Evangelie in het leven van alledag voor jou betekent en wat het ook voor henzelf kan betekenen.

* inhoud van je overtuiging : Geloofsui!
1e schil: Aanleren van gedragingen. WAT DOEN WE
Het gaat hierbij om gewoonten, dat wat je doet of wat je niet doet.

2eschil: Heeft met levensbeschouwing te maken. WAAROM DOEN WE DAT
Daarnaast is het nodig de inhoud te voorzien van normen en waarden, zingeving, Godsbeeld, mensbeeld. Je doet de dingen omdat….. Dat is goed en dat is slecht.

3e schil: Inwijden in de betekenissen. OM WIE GAAT HET
Neem ze bij de hand nemen, laat ze ontdekken Wie ze nodig hebben, dat ze begrijpen waar het omgaat, het bewust zoeken naar gouden momenten in de geloofsopvoeding, momenten waarin je de grootheid van God kan laten zien. Het gaat om Iemand ipv om iets.

 

3e pijler: Onvoorwaardelijke liefde
Lezen: Johannes 8:2-11. In dit gedeelte lezen we twee pastorale benaderingen t.o.v. een op overspel betrapte vrouw. De eerste is die van de Farizeeërs. De andere benadering, die van de Heere Jezus, laat zien dat de waarheid in deze situatie niet het allerbelangrijkste is, maar de genade. Zijn reactie is zeer verrassend: ‘Ik verwerp u niet.’ En als de vrouw deze reactie in haar hart heeft laten landen gaat Jezus verder en zegt: ‘Doch zondig niet weer!.’ De Heere Jezus zoekt eerst de verbinding omdat alleen in die verbondenheid er een bedding voor onderwijs, correctie en vermaning ontstaat. Hoe?

1. Afstemmen in plaats van aanpassen.
In de reactie naar uw zoon is afstemmen essentieel. Door deze houding zegt u: Wat je ook gaat doen in je leven ik blijf je vader of moeder, ik blijf van je houden, ik laat je niet vallen! Onvoorwaardelijke liefde is de boodschap. Dan ontstaat er ruimte om met uw zoon een aantal afspraken te maken (die in ieder geval voor u thuis gelden).
Op deze wijze stemt u af op uw zoon en u behoudt uw eigen principes, waarden en normen, in tegenstelling tot aanpassen waarin u deze over boord gooit. Geef uw vrijmoedigheid niet prijs, want daar zit uw kind ook niet op te wachten.

2. Blijf in contact.
In deze nieuwe situatie is het van belang dat u interesse en betrokkenheid blijft tonen ook al hebben zijn keuzes niet uw voorkeur. Houdt contact, vraag, zonder grip en controle te willen uitoefenen naar zijn leven. Laat ook zien dat hij van u niets anders krijgt dan dezelfde onvoorwaardelijke liefde die de andere kinderen ook krijgen. Deel uw leven met hem, dat is inclusief uw christenzijn.

3. Houdt uw geloofsverantwoordelijkheid
Zoals vader Job zijn geloofsverantwoordelijkheid laat zien (Job 1:5) zo mag u ook blijven bidden voor uw zoon. U kent wellicht de uitspraak wel: ‘Als je met je kind niet over God kan praten dan kan je in ieder geval nog met God over je kind praten.’ Breng hem, en de andere kinderen, dagelijks voor de troon van de Vader. Vraag een zegen over uw zoon. Weet dat uw zoon Gods schepsel is, en dat God er nog veel meer naar verlangt dat uw zoon Hem volgt dan u.

Dat het strijd en verdriet kost zal ik niet ontkennen, maar op deze wijze kunt u uw zoon loslaten zonder hem aan zijn lot over te laten. De wachtende vader liet zijn zoon los, maar toen hij naar huis verlangde was de vader er. Onderhoud het contact met uw zoon zo dat als hij komt u niet verrast, verwijtend reageert maar dat u er staat met open armen en roept: Welkom thuis!

Zegen en wijsheid gewenst bij deze spannende opdracht.

Bert Reinds